Afgelopen winter heb ik de besturing van mijn boot gewijzigd van ouderwetse dubbele bekabeling naar monokabel. De stuuruitslag/rotatie is daarmee wat groter geworden (van 630 graden naar 1200 graden). Op zich niet vervelend want de dubbele bekabeling van voorheen ging gepaard met veren om de stuur arm in beweging te krijgen. Dat vaarde nogal indirect ivm een vrij grote “deadzone” en vervolgens een stuuruitslag die meer is dan geanticipeerd. Enfin, de stuur bewegingen zijn nu even wat meer maar kan ook met meer precisie corrigeren.
De vaareigenschappen van mijn boot bij (krappe) bochten in de polder zijn vaak van de categorie “overstuur”. De kont breekt altijd wel wat uit, hoe scherper de bocht hoe meer hij uitbreekt. Dit komt grotendeels doordat de spiegel voor de bbm zich 60 cm van de achterkant huist. Door ik voorheen een kortere stuuruitslag had, kon ik het overstuur met een kleine stuurbeweging de andere kant op, opvangen. Nu vergt dat wat meer rotatie. Verder is mijn romp vanaf de spiegel hoegenaamd plat en zit het V-profiel vooral aan de voorste meters van de boot.
Ik kom wel eens bootjes tegen met een zogenaamde schroefbeschermer. Eigenlijk 4 plaatjes staal die een vierkante koker vormen rondom de schroef. Het is misschien wat ver gedacht, maar kan dit mogelijk als venturi of meer “roeroppervlak” zorgen waardoor het stuurvermogen wordt vergroot en ik mogelijk wat minder overstuur heb?
